Kraamgeld

Baby

Veelgestelde vragen ivm Kraamgeld

Hier vind je alles over het huidige federale systeem terug.
Heb je vragen over het nieuwe kinderbijslagsysteem in Wallonië? Kijk dan even op onze pagina over het nieuwe Waalse model van kinderbijslag.

Wie vraagt het kraamgeld aan?

Bij voorrang de wettelijke vader van het kind.
Om recht te hebben op kraamgeld, is een activiteit als werknemer of zelfstandige in België vereist. Wie na een loontrekkende activiteit werkloos, ziek of gepensioneerd is, opent ook een recht: we beschouwen dat ze een activiteit uitoefenen.  

1. Als de vader een werknemer of zelfstandige is (of werkloos, ziek of gepensioneerd is), dan vraagt hij het kraamgeld aan. 

  • Als de toekomstige ouders niet gehuwd zijn en de vader op een ander adres dan de moeder is gedomicilieerd, kan de vader zonder probleem het kraamgeld aanvragen.  

2. Als de vader geen werknemer of zelfstandige is (of werkloos, ziek of gepensioneerd is), dan dient de moeder een aanvraag in, indien zij werkneemster of zelfstandige is (of werkloos, ziek of gepensioneerd is).

  • Voor ambtenaren geldt dezelfde volgorde. Zij vragen het kraamgeld aan bij FAMIFED. 

3. Als vader en moeder zonder beroepsactiviteit (zonder inkomen) zijn, dan kan een ander gezinslid van de moeder het kraamgeld aanvragen (te beginnen bij de oudste): 

  • de partner van de moeder  
  • een grootouder, oom of tante van het kind.  

4. Een (half-)broer of (half-)zus van het kind kan zelfs buiten het gezin wonen en toch de aanvraag indienen (te beginnen bij de oudste). 

5. Als er geen wettelijke vader is, dan dient de moeder een aanvraag in, indien zij werkneemster of zelfstandige is (of werkloos, ziek of gepensioneerd is). 

Bij meemoederschap (kind geboren binnen het huwelijk van twee vrouwen), vraagt de oudste van de twee het kraamgeld aan. Als de oudste geen beroepsactiviteit heeft, dan vraagt de jongste ouder het kraamgeld aan. Het kraamgeld wordt uitgekeerd aan de moeder. 

Wie in geen enkele Belgische, buitenlandse of internationale regeling recht heeft op kraamgeld, kan onder bepaalde voorwaarden kraamgeld vragen binnen het stelsel van de gewaarborgde kinderbijslag bij FAMIFED. 

Waar aanvragen?

Stuur je aanvraagformulier naar het kinderbijslagfonds van de werkgever (of de laatste werkgever vóór de werkloosheid, de ziekte of het pensioen) van de aanvrager of naar het kinderbijslagfonds dat behoort tot dezelfde sociale groep als het sociaal verzekeringsfonds van de aanvrager.
Vermeld duidelijk het aansluitingsnummer van de (laatste) werkgever, je dossiernummer of je rijksregisternummer op het formulier.

U ben ambtenaar? Stuur uw aanvraag naar FAMIFED.

Hoe aanvragen vóór de geboorte?

Je kan een aanvraagformulier invullen en opsturen vanaf de eerste dag van de zesde maand van de zwangerschap, dus 4 maand voor de vermoedelijke bevallingsdatum. 
Laat ook de behandelende dokter of verloskundige de zwangerschapsverklaring op dit formulier invullen. Ook als wij enkel een attest van de dokter of verloskundige ontvangen, kunnen wij het recht op kraamgeld onderzoeken. Vermeld dan steeds je rijksregisternummer. 
Vanaf een tweede geboorte, volstaat het om een geneeskundig attest op te sturen naar je kinderbijslagfonds met een duidelijke vermelding van je dossiernummer of rijksregisternummer. 

En na de geboorte?

Stuur meteen het originele "Geboortebewijs om het kraamgeld te bekomen" naar het kinderbijslagfonds dat het kraamgeld heeft uitbetaald. Dat attest heb je ontvangen van het gemeentebestuur van de geboorteplaats bij de aangifte van de geboorte. 
Als het kraamgeld niet vooraf werd betaald, dan gebeurt de betaling bij ontvangst van het originele geboortebewijs. 

Wie ontvangt het, wanneer en hoeveel?

Het startbedrag wordt ten vroegste twee maanden voor de voorziene geboortedatum uitbetaald. Een voorafbetaling is enkel mogelijk indien de zwangere persoon een verblijfsrecht heeft in Vlaanderen. Heeft ze dit niet? Dan kunnen we geen voorafbetaling uitvoeren, ook niet indien ze deel uitmaakt van een gezin waartoe een persoon behoort met verblijfsrecht.

Ben je voor eerste keer zwanger in 2019 en later? We betalen het startbedrag aan de moeder.
Ben je nadien opnieuw zwanger? We betalen het startbedrag aan de begunstigde kern.

Heb je kinderen geboren vóór 2018 en je gaat bevallen na 01/01/2019? We betalen het startbedrag aan de moeder.
Ben je nadien opnieuw zwanger? We betalen het startbedrag aan de begunstigde kern.

Deel ons best je bankrekeningnummer mee. Een storting op een bankrekening is snel en veilig. Anders ontvang je een circulaire cheque.
Wanneer ontvang je het startbedrag? Een voorbeeld

  • Je geneesheer/vroedvrouw meldt dat de bevalling vermoedelijk zal plaatsvinden op 12 september:
  • je dient je aanvraag om startbedrag in vanaf 13 mei en je meldt ons ook je bankrekeningnummer.
  • je ontvangt de betaling vanaf 13 juli.
  • je geeft de geboorte aan bij het gemeentebestuur en stuurt ons meteen het officieel geboorteattest op.

Bedragen van het startbedrag:

  • Vanaf 01 januari 2019 bedraagt het startbedrag € 1.122,00 per kind voor een 1ste of volgende geboorte

En als het anders loopt?

  • Tweeling, drieling,...of meer? Bezorg ons een origineel geboorteattest per kind. 
  • Als het kind doodgeboren is, dan stuur je ons het attest op van de gemeente met de vermelding “levenloos vertoond kind’. Je hebt in beide gevallen recht op het startbedrag/kraamgeld indien de zwangerschap minstens 180 dagen duurde. 
  • Vertoont je kind een handicap of een aandoening? Meld aan je consulent per brief of per mail dat je een onderzoek naar de verhoogde bijslag voor een kind met een handicap wil starten. 
  • Is je baby in het buitenland geboren? Verschillende internationale richtlijnen regelen de toekenning van het startbedrag/kraamgeld en de kinderbijslag.